Gijs Assmann | Marlies Appel | David Bade | Merina Beekman | Simon Benson | Dineke Blom | Marcel van Eeden | Otto Egberts | Helen Frik | Rosemin Hendriks | Tjibbe Hooghiemstra | Nour-Eddine Jarram | Natasja Kensmil | Juul Kraijer | Ronald Noorman | Erik Odijk | Roland Sohier | Elly Strik | Dieuwke Spaans | Juliette Tulkens | Piet Tuytel | Hans de Wit

Arno Kramer

over tekenen   1|2|3|4   Dat wil zeggen zij draagt de tekening. Rond de basis van een lijntekening ontwikkelt zich het werk verder. Meestal is de lijn een terugkerende steun. Toevoegingen van vlekken, structuren, rasters en kleuren bepalen uiteindelijk de toon en de stijl. Tekenen is handelen, bewegen, zoeken op papier, techniek gebruiken en techniek vergeten. Tekenen is altijd heel dichtbij het pure moment van perceptie, schreef de Ierse dichter Seamus Heaney. Veel tekenaars handelen vrij natuurlijk. Die natuurlijkheid van handelen, de beweging en de motoriek kunnen belangrijke aspecten van het uiteindelijke karakter van een tekening vormen. Soms is er een sensibel, rusteloos zoeken. Als de kunstenaar de tekening niet ziet als het toevallige vastleggen van een bepaald moment of een snelle gedachte, zoekt hij meestal naar dat persoonlijke, autonome en ultieme beeld. De directheid van veel tekentechnieken is in de meeste gevallen een evident gegeven voor de sensibiliteit. Helderheid, versluiering, verandering, verhulling, directheid zijn allemaal begrippen die met een heimelijk verlangen te maken hebben om dingen te vinden die er eerder niet waren. In dat ontstane, getekende beeld ligt iets van wat vermoed was en waarnaar werd gereikt. Op papier heeft het zijn contour en zijn betekenis gekregen. Die uiteindelijke samenhang van lijnen en vlekken, lijnen die reisden over het papier, vlekken die impulsief ontstonden, dat is het beeld geworden, dat is de tekening. Klaar!


Broekland
januari 2004